De klassiekste klassiekers

De klassiekste klassiekers

De klassiekste klassiekers

Een hoorcollege over grote teksten en mythen uit de Griekse Oudheid

Door: Sluiter, Ineke

Luisterduur: 4 uur en 35 minuten
Datum uitgave: 2008
ISBN: 9789085309796
Prijs: € 25,00


Samenvatting

Aan de basis van de canon van de Europese cultuur liggen de grote teksten en mythen uit de Griekse Oudheid: de klassiekste klassiekers. Ineke Sluiter behandelt in haar colleges de beroemde teksten waarin thema’s als wrok, roem, list, schuld en zelfkennis voor het eerst in de wereldliteratuur opduiken. Zij kijkt daarbij in het bijzonder naar het wereldbeeld en de waardesystemen die uit deze teksten spreken.

Ineke Sluiter behandelt de volgende teksten:

Ilias van Homerus. Het oudste Griekse epos over de wrok van Achilles, de grote held die in zijn eer wordt aangetast.

Odyssee van Homerus. De thuiskeer en wraak van de listige held Odysseus.

– Agamemnon van Aeschylus. De monumentale tragedie over de schuld van een door vloek beladen vader die zijn dochter heeft gedood.

– Koning Oedipus van Sophocles. Misschien wel de beroemdste Griekse tragedie, over de koning die ontdekt dat hij zijn vader heeft gedood en met zijn moeder is getrouwd.

Bij het hoorcollege hoort een synopsis, deze kunt u hier downloaden.

Deze uitgave is tot stand gekomen i.s.m. Studium Generale Leiden.



Inhoudsopgave


College 1. Homerus’ Ilias

H1. Homerus en de canon: de ‘gevaarlijke’ inhoud van de Ilias
H2. Wat is dit voor literatuur? Wat is dit voor wereld?
H3. De waarden van de Ilias: ‘kleos’ en herinnering

 

College 2. Homerus’ Odyssee

H4. De concurrent van de Ilias – Odysseus op reis
H5. Terug op Ithaca, terug bij Penelope
H6. De wereld van de Odyssee: de beroemde scène tussen Odysseus en Nausicaä

 

College 3. Aeschylus’ Agamemnon

H7. De Griekse tragedie. Mythologische achtergronden van de Oresteia
H8. Aeschylus’ Agamemnon
H9. De ‘tapijtscène’: waarom moet Agamemnon sterven?

 

College 4. Sophocles’ Koning Oedipus

H10. Te veel en te weinig weten: Freud en de volksverhalen
H11. Sophocles’ tragedie Koning Oedipus
H12. Een interpretatie van de Koning Oedipus


Over de spreker: Sluiter, Ineke

Prof.dr. Ineke Sluiter is hoogleraar Griekse taal- en letterkunde aan de Universiteit Leiden. Zij schrijft over antieke literatuur en over antieke en moderne ideeën over taal, van grammatica tot vrijheid van meningsuiting. In 2010 won zij de prestigieuze Spinozaprijs.


Recensies

Groene Amsterdammer, 2 juni 2006

Wrok
De Ilias van Homerus is, net als alle oorlogsverslagen, een schrikwekkend boek. Het bezingt een krijgsmoraal die vroeg of laat iedere strijder in iedere oorlog lijkt mee te slepen. Roem en eer, afgemeten aan rondgezaaid verderf, spelen er de hoofdrol in -en in de Ilias wordt véél gedood. De tegenkant daarvan is de kameraadschappelijkheid die de strijders uit één kamp of peloton verbindt en die soms dieper heet te gaan dan echtelijke liefde.

Die dubbelheid doortrekt de Ilias. De dood van Patroclos, hartsvriend van prijsvechter Achilles, brengt die laatste tot een razernij die niet wil bedaren. Zelfs wanneer hij op zijn beurt de doder van zijn vriend verslagen heeft, bekoelt zijn wraakzucht niet. Liefst zou hij Hectors lijk met huid en haar persoonlijk verscheuren. Als een misschien wel zo wreed alternatief sleept hij het dagelijks achter zijn strijdwagen rond de muren van Troje, in het volle zicht van de verwanten van de dode.

Onmenselijker kan oorlogs-razernij niet worden, en daarmee wordt de Ilias een dubbelzinnig boek. Het loflied op soldatendeugd (kracht, moed en trouw) wordt van binnenuit weersproken door de langzame ontsporing waarover het vertelt. Achilles is een simpel vecht-beest, maar ook deze Schwarzenegger raakt verstrikt in de tweeslachtigheden van zijn ethos. De wrok waarover het epos vanaf de eerste regel zegt te willen gaan, is van dat heldenideaal de duistere tegenkant.

De archetypische intrige van de klassieke tragedie kondigt zich daarin al aan, maar voor de werkelijke ontvouwing daarvan is het volgens Ineke Sluiter, hoogleraar Grieks in Leiden, nog te vroeg. Wel komt Achilles te langen leste op zijn wrok terug. In het slotboek van de Ilias wordt hij bezocht door Hectors vader Priamos, die hem smeekt het lijk vrij te geven.

Plots knapt er in Achilles iets. Het beeld van zijn eigen vader, subtiel door Priamos ter sprake gebracht, verschijnt hem. En hij ziet hoe vreugde en verdriet weliswaar niet over alle mensen gelijkelijk worden uitgestort, maar dat allen door die twee wel op dezelfde wijze worden aangedaan. Die herkenning, die in de latere tragedies zo belangrijk zal worden als omslagpunt, stemt hem zowaar een beetje filosofisch. Ze bereidt tegelijk het einde van het boek voor, waarin althans dit conflict tot rust komt. Het is niet meer dan een voorlopig einde, want Troje moet nog vallen en de hele Odyssee ligt nog in het verschiet.

Wist ik dat, sinds mijn gymnasiumtijd, allemaal nog wel? Zo ja, dan klonk het uit de mond van Sluiter weer als nieuw. Op de cd-reeks De klassiekste klassiekers, als hoorcollege uitgegeven door de Home Academy, vertelt zij even meeslepend als to the point hoe de Homerische meesterwerken, en daarna de grote tragedies van Aeschylos en Sophocles, het Europese literaire bewustzijn hebben helpen scheppen. Verhaal en commentaar gaan daarbij hand in hand: trefzeker, openbarend en aangrijpend.

Sluiter vertelt zonder overdrijving en verklaart zonder neerbuigendheid, met precies de dosis humor en gedrevenheid die een college tot een onvergetelijke ervaring maakt. Luister hoe zij de eendimensionale Achilles ontleedt, tot er een steeds complexer weefsel van motieven en gemoedsbewegingen in hem zichtbaar wordt. Hoor hoe zij voor de archaïsche wereld en haar waarden in al hun onbegrijpelijkheid begrip wekt, en luister dan naar haar prachtige ontrafeling van het gesprek tussen de vader en de vechter.

De een is gedompeld in wurgende rouw die zich zelfs over haat tegen de doder van zijn zoon weet heen te zetten. De ander is gevangen in de razernij van wat vandaag de dag een posttraumatisch stresssyndroom genoemd wordt, als een menselijke bom die elk moment ontploffen kan. Ook hij begrijpt zichzelf waarschijnlijk niet geheel; begrip is bovendien niet werkelijk zijn element. Maar oog in oog met elkaar overwinnen zij zichzelf- met moeite en zich steeds bewust van hun precaire sit

Bron: Groene Amsterdammer / NRC / Humanist